TAAL IS DE SLEUTEL OM MEE TE DOEN IN DE MAATSCHAPPIJ
VITAL REGIONS

Joana Duarte mag zich met recht lector Meertaligheid en Geletterdheid noemen. Ze spreekt maar liefst acht talen. "Mijn moedertaal Portugees, Spaans, Frans, Duits, Engels, Italiaans, Nederlands en Fries", somt ze het rijtje op. "Ondanks dat Fries verreweg de kleinste taal qua aantal sprekers is, gebruik ik die het meest. Thuis, op m'n werk, maar ook in de winkel, op straat en bij vrienden. Taal is de sleutel om mee te kunnen doen in de maatschappij."

Bekijk de boekenkast bij Joana thuis en je begrijpt meteen waarom het lectoraat Meertaligheid en Geletterdheid haar op het lijf geschreven is. Haar gezin telt drie gezinsleden, met drie nationaliteiten en drie verschillende moedertalen. "Zelfs op het boodschappenlijstje zie je dat terug", lacht ze. "Dat zorgt af en toe voor verwarring. Dan belt m’n vriend me vanuit de supermarkt op, omdat hij niet weet wat 'morangos' zijn. Heb ik aardbeien zonder er bij na te denken in het Portugees opgeschreven."

Taal van je hart

Geboren en getogen in Portugal is het Portugees de taal van haar hart, geeft Joana toe. Maar ook voor alle andere talen die ze in de loop van haar leven leerde, ontwikkelde ze een bepaalde passie. "Ik heb een aantal jaar in Duitsland gewoond. Daar was het van het begin af aan duidelijk dat je de taal moest leren om mee te kunnen doen. Het tegenovergestelde overkwam me toen ik in Nederland ging wonen. Hier schakelen mensen spontaan over in het Engels wanneer ze horen dat ik een accent heb. Ook Friezen praten Engels om het me zo gemakkelijk mogelijk te maken. Maar na drie maanden werd ik toch wel geacht de taal te kunnen spreken. Hier is taalbeheersing meer een impliciete eis."

Inmiddels spreekt Joana vrijwel vloeiend Fries. Voor de meeste collega's binnen haar lectoraat is Fries de moedertaal en dus paste Joana zich razendsnel aan. "Voor mij zit de motivatie voor het leren van een nieuwe taal hem in het feit dat ik de communicatie met anderen zo goed mogelijk wil vormgeven”, legt ze uit. “Er is geen betere communicatie dan spreken in je moedertaal. Pas wanneer je de taal van je hart spreekt, kom je echt tot elkaar. Dat is de belangrijkste les die ik tijdens al mijn onderzoeken heb geleerd. Waar je ook bent op de wereld en welke taal men daar ook spreekt: er moet altijd ruimte blijven voor jouw eigen taal. Pas dan kun je je een andere taal eigen maken."

Holistisch taalonderwijs

Ruimte voor je eigen taal om een nieuwe taal te leren: die zin is het herhalen waard. Want juist hier ziet Joana in de praktijk conflictsituaties ontstaan. Als voorbeeld noemt ze het aanbieden van de Friese taal op een basisschool in Leeuwarden, een onderwerp waar haar lectoraat zich van oudsher hard voor maakt. “Tel voor de grap eens het aantal moedertalen in een gemiddelde klas. Dat zijn er met gemak tien of meer. Van Fries, Nederlands en Engels tot Turks, Arabisch en Pools. Zo’n multiculturele taalsetting vraagt om een holistische aanpak, waarbij iedere taal een plek krijgt in het taalonderwijs. Op dit moment ontwikkelt ons lectoraat een methode voor zo’n holistische werkwijze, waarbij je als leerkracht aandacht hebt voor álle talen in je klas.”

Brood, bôle, bread, Brot, chleb of pan: alleen al de lunch kan een perfect moment zijn om diverse talen te gebruiken. "Bespreek de verschillende woorden die kinderen thuis gebruiken voor brood", knikt Joana. "Of ga met elkaar tellen in het Zweeds, Russisch en Chinees. Juist door die andere talen naast het Engels, Nederlands en Fries een plaats te geven in de klas, zorg je dat kinderen openstaan voor een nieuwe taal. Hoe beter je je moedertaal machtig bent, hoe gemakkelijker je een nieuwe taal leert."

Je gehele ‘ik’

Wanneer er een te grote kloof is tussen de thuistaal en de taal op school kan dat echter problemen opleveren, blijkt uit onderzoek. "Je ziet dat kinderen als het ware verdwalen in de tweetalige wereld waarin ze plotseling worden ondergedompeld", benadrukt Joana. "Soms zijn ze maanden stil, 'the silent period', zoals onderzoekers dat noemen. Dat kan negatieve gevolgen hebben voor hun algemene ontwikkeling, maar ook voor hun zelfbeeld en gevoel van veiligheid. Taalontwikkeling gaat gepaard met de algemene, cognitieve en socio-emotionele ontwikkeling. Je gehele ‘ik’ dus."

Eén van de kerndoelen van haar lectoraat is dan ook om leerkrachten te stimuleren en te versterken om alle talen een plek te geven in de klas. Van de drie vaste talen Nederlands, Engels en Fries tot vreemde talen, minderheidstalen en migrantentalen. "Niet elke docent heeft een talenknobbel", geeft Joana toe, "maar met ons holistisch model kun je diverse taalactiviteiten uitvoeren die aansluiten bij de leefwereld van de leerlingen, zonder dat je zelf vloeiend Turks hoeft te spreken."

Ware pitbull

Focus bij vreemde talen vooral niet alleen op de grammatica, waarschuwt de lector. "Het gaat om de communicatie. Met onze meertaligheidslijn vergelijken we verschillende talen met elkaar. Iedere taal is familie van een andere taal. Je moet ze niet altijd in het onderwijs krampachtig willen scheiden, want daarmee verlies je taalpotentieel. Laat kinderen op bepaalde momenten ontdekken dat het Nederlandse ‘brood’ sprekend lijkt op het Duitse ‘Brot’, het Engelse ‘cheese’ familie is van het Fryske ‘tsiis’ en ‘porte’ in het Frans bijna gelijk is aan ‘porta’ in het Portugees."

Niet alleen het onderwijs heeft nog heel wat te leren, dat geldt zeker ook voor de overheid, pleit Joana. “De grootste fout is dat de overheid integratie van anderstaligen nog altijd ziet als éénrichtingsverkeer. Als nieuwkomer móet je de Nederlandse taal leren, voordat je aan het werk mag. Terwijl er geen betere plek is om een nieuwe taal te leren dan in de bedrijfskantine, op kantoor of in de werkplaats. Deze wetgeving is funest voor de integratie. Sta open voor nieuwe talen, leer van elkaar en doe je voordeel met meertaligheid in plaats van die achterhaalde angstcultuur.” Het vuur schiet bijna uit haar ogen. “Wat dat betreft ben ik echt een pitbull. Ik bijt me vast in dit soort zaken en laat niet meer los."